Naar de inhoud
← Alle artikelen
FRAMERATE 24/25 = bioscoop · 50/60 = slow-motion 25 fps 60 fps → afgespeeld op 25

24, 25, 30 of 60 fps? De framerate-keuzehulp

Welke framerate je wanneer kiest, hoe slow-motion werkt, en waarom je sluitertijd meebeweegt.

Framerate (fps = frames per seconde) bepaalt hoe beweging voelt. Verkeerd gekozen, en je beeld oogt als een soap of juist schokkerig. Hier kies je de juiste.

De keuze in het kort

Hoe slow-motion werkt

Slow-motion maak je niet "in de montage" uit het niets — je filmt ervoor. Neem op in 50 of 60 fps en speel het af op een 25 fps-tijdlijn: je beeld wordt 2× tot 2,4× vertraagd, vloeiend en zonder haperen. Voor extreme slow-motion gebruik je een nog hogere framerate.

Belangrijk

Hogere framerates vragen meer licht. Op 50/60 fps gaat je sluitertijd naar 1/100–1/120 s, dus je hebt fellere omstandigheden of een lichter ND-filter nodig.

De sluitertijd beweegt mee (180°-regel)

Je sluitertijd hoort ongeveer twee keer je framerate te zijn. Dat geeft natuurlijke bewegingsonscherpte:

Verander je je framerate, pas dan ook je sluitertijd (en je ND-filter) aan. Reken het snel uit met de ND-calculator.

Mijn advies

Film je hoofdbeelden in 25 fps (Europa) voor de filmische look, en schakel naar 50 fps voor specifieke shots die je wilt vertragen. Houd het binnen één film consistent.

Gratis cursus

Leer het stap voor stap

Twee gratis cursussen brengen je van eerste opstart tot afgemonteerde cinematische film.

Naar de cursussen →
Lees ook
Licht Het gouden uur: wat het is en hoe je het écht gebruikt Techniek Alle Pro-instellingen uitgelegd — wat, welke waarde en waarom Techniek ND-filters uitgelegd: de sleutel tot vloeiende beelden